CAOtjeCAO transport & kranen 2026

HomeOnderwerpen › Vergoedingen

Scholing, code 95, TCVT en ADR: wie betaalt?

Moet mijn werkgever mijn code 95, TCVT-certificaat of ADR betalen? Chauffeur & kraan

Kort antwoord

Ja. Scholing in opdracht van de werkgever of om code 95 en het TCVT-certificaat te behouden wordt volledig vergoed: cursuskosten, examengeld, reiskosten én de cursustijd tegen 100%. Die uren tellen niet als overuren. Voor ADR en heftruck geldt hetzelfde, met maximaal 40 loonuren.

Verplichte scholing (artikel 43)

Scholing in opdracht van de werkgever, voor het behouden van code 95 en het TCVT-certificaat of op grond van een wettelijke verplichting: de werkgever vergoedt cursuskosten, examengeld en reiskosten (€ 0,23 per km) en betaalt de cursustijd tegen 100%. Deze uren tellen niet mee voor overuren en worden niet als zaterdag- of zondaguren vergoed.

ADR en heftruck (artikel 44)

Voor het behalen en onderhouden van het ADR-certificaat (in opdracht van de werkgever) en het heftruckcertificaat (ook op eigen verzoek onderhouden) geldt dezelfde vergoeding, met de cursustijd tot maximaal 40 loonuren à 100%.

Studiekostenregeling (artikel 45)

Alleen voor opleidingen die niet in opdracht van de werkgever of wettelijk verplicht zijn, mag de werkgever vooraf een terugbetalingsregeling voorleggen: 75% bij ontslagname binnen 1 jaar na het diploma, 50% binnen 2 jaar, 25% binnen 3 jaar.

Jouw verplichting

Je geeft elk jaar uiterlijk 1 mei inzage in je overzicht van nascholingsuren code 95 (artikel 7 lid 8). Voor een vakexamen krijg je bijzonder verlof voor de benodigde tijd (artikel 65 lid 1k).

Wat de CAO letterlijk zegt

Dit zijn de artikelen waarop de uitleg hierboven is gebaseerd, integraal uit de cao-tekst 2026.

Art. 43 Scholing algemeen

Ingeval scholing anders dan bedoeld in artikel 44 wordt gevolgd in opdracht van de werkgever of die wordt gevolgd voor het behouden van code 95 en het TCVT-certificaat en/of op grond van een aan de functie verbonden wettelijke verplichting, dienen aan de werknemer de cursuskosten, het examengeld en de reiskosten (volgens de in dat jaar geldende fiscale maximum netto kilometervergoeding) te worden vergoed. Voorts zal de werkgever de cursustijd a 100% vergoeden. Deze uren tellen niet mee bij de bepaling van het aantal overuren en worden niet als zaterdag-of zondaguren vergoed.

Hoofdstuk XII · Open artikel 43 apart

Art. 44 A) Vergoeding ADR-certificaat

Voor het behalen en periodiek in stand houden van het ADR-certificaat in opdracht van de werkgever, zal de werkgever de cursuskosten, het examengeld en de reiskosten (volgens de in dat jaar geldende fiscale maximum netto kilometervergoeding) vergoeden. Voorts zal de werkgever de terzake bestede cursustijd met een maximum van 40 loonuren (à 100%) vergoeden. Deze uren tellen niet mee bij de bepaling van het aantal overuren.

B) Vergoeding certificaat vorkheftruck

Voor het behalen en periodiek in stand houden van het certificaat vorkheftruck in opdracht van de werkgever en/of het periodiek in stand houden van het vorkheftruckcertificaat op verzoek van de werknemer, zal de werkgever de cursuskosten, het examengeld en de reiskosten (volgens de in dat jaar geldende fiscale maximum netto kilometervergoeding) vergoeden. Voorts zal de werkgever de terzake bestede cursustijd met een maximum van 40 loonuren (à 100%) vergoeden. Deze uren tellen niet mee bij de bepaling van het aantal overuren.

Hoofdstuk XII · Open artikel 44 apart

Art. 45 Studiekostenregeling

De werkgever heeft de mogelijkheid terzake van de in de artikelen 43 en 44 genoemde kosten voor aanvang van de opleiding een studiekostenregeling aan z'n werknemers voor te leggen indien deze opleidingen niet worden gevolgd in opdracht van de werkgever of op grond van een voor de werkgever wettelijke verplichting.

  1. Deze studiekostenregeling verplicht de werknemer:
  2. -bij ontslagname van de werknemer binnen een jaar na het behalen van het diploma/certificaat: 75% van de kosten van de genoten opleiding terug te betalen;
  3. -bij ontslagname van de werknemer binnen twee jaar na het behalen van het diploma/certificaat: 50% van de kosten van de genoten opleiding terug te betalen;
  4. -bij ontslagname van de werknemer binnen drie jaar na het behalen van het diploma/certificaat: 25% van de kosten van de genoten opleiding terug te betalen.

Hoofdstuk XII · Open artikel 45 apart

Art. 7 Verplichtingen van de werknemer
  1. 1.a.De werknemer is krachtens de met hem gesloten arbeidsovereenkomst verplicht tot het verrichten van de overeengekomen werkzaamheden.
  2. 1.b.De werknemer is verplicht op verzoek van de werkgever alle voorkomende werkzaamheden te verrichten voor zover deze redelijkerwijze van de werknemer kunnen worden verlangd.
  3. 1.c.Het stelselmatig overstapelen door de chauffeur van complete wagenladingen van pallets op pallets wordt niet geacht te behoren tot werkzaamheden, die redelijkerwijze van de werknemer kunnen worden verlangd, tenzij in de individuele arbeidsovereenkomst anders is overeengekomen.
  4. 2.a.De werknemer is verplicht tot geheimhouding van al hetgeen hem omtrent het bedrijf van de werkgever bekend is geworden en waarvan hij het vertrouwelijke karakter kent of redelijkerwijs had moeten kennen. Deze geheimhoudingsverplichting geldt niet ten aanzien van mededelingen welke krachtens wettelijk, reglementair, of ander voorschrift verlangd worden.
  5. 2.b.De werknemer is echter met inachtneming van het bovenstaande bevoegd mededelingen, die wensen en bezwaren inhouden, aan zijn werknemersorganisatie mede te delen en toe te lichten.
  6. 3.De werknemer stelt zich beschikbaar voor de medische keuringen, die door de werkgever redelijkerwijze nodig geacht worden in verband met het vervullen van de functie (tenzij hiertegen dwingende medische bezwaren bestaan). Onder “medische keuring” worden mede begrepen keuringen in het kader van de Arbozorg. De werknemer kan hierover vooraf overleg plegen met zijn huisarts. De werknemer volgt alle maatregelen op, die op grond van het uit de keuring voortvloeiende medische advies worden aanbevolen. Indien een werknemer bezwaar heeft tegen de uitslag van een keuring, kan deze werknemer herkeuring aanvragen.
  7. 4.a.Ten aanzien van door de werkgever aan de werknemer in bruikleen gegeven zaken zoals voertuigen, werktuigen en/of gereedschappen is hij verplicht:
  8. -zich naar vermogen ervan te overtuigen dat deze zich bij de in ontvangstneming in goede staat bevinden;
  9. -op een door de werkgever aan te geven wijze de ontvangst ervan te bevestigen, indien dit door of vanwege de werkgever wordt verlangd;
  10. -deze zorgvuldig te gebruiken en te bewaren;
  11. -vermissing of beschadiging ervan onmiddellijk aan zijn directe chef te melden;
  12. -deze terug te geven wanneer hij deze voor zijn dienst niet meer nodig heeft dan wel wanneer hij door of vanwege de werkgever om teruggave wordt verzocht. Hetgeen in dit lid onder het tweede gedachtestreepje staat vermeld, is eveneens van toepassing ten aanzien van aan de werknemer door de werkgever toevertrouwde of door derden afgedragen gelden, waarbij op de werknemer de verplichting rust te verifiëren of de aan hem overhandigde bedragen overeenkomen met het door werkgever of derden aangegeven dan wel verschuldigde bedrag.
  13. 4.b.De werknemer die bij de uitvoering van de overeenkomst schade toebrengt aan de werkgever of aan een derde jegens wie de werkgever tot vergoeding van die schade is gehouden, is te dier zake niet jegens de werkgever aansprakelijk tenzij de schade een gevolg is van zijn opzet of bewuste roekeloosheid. Uit de omstandigheden van het geval kan, mede gelet op de aard van de betreffende overeenkomst, anders voortvloeien dan in de vorige zin is bepaald. De schadevergoeding zal niet meer bedragen dan de kostprijs voor herstel of vervanging.
  14. 4.c.De werkgever dient binnen een maand nadat hij van de gebeurtenis kennis heeft genomen schriftelijk aan de werknemer te melden, dat hij schadevergoeding zal eisen. De werkgever zal het bedrag van de schadevergoeding zo snel mogelijk - doch uiterlijk binnen een jaar nadat hij van de gebeurtenis heeft kennisgenomen - vaststellen.
  15. 4.d.Inhouding van de schadevergoeding op het loon is niet mogelijk, tenzij tussen werkgever en werknemer overeenstemming bestaat over de verplichting tot schadevergoeding.
  16. 5.a.De werknemer gebruikt tijdens de dienst geen alcoholhoudende dranken en/of middelen, die zijn functioneren en/of de rijvaardigheid nadelig kunnen beïnvloeden. De werknemer vangt de dienst aan zonder onder invloed van bovengenoemde middelen te zijn.
  17. 5.b.De werknemer zal in voorkomende gevallen met zijn behandelende arts de consequenties bespreken van het gebruik van de rijvaardigheid beïnvloedende geneesmiddelen en de werkgever van de conclusies van deze arts in kennis stellen.
  18. 6.a.De werknemer is verplicht de werkgever vooraf om toestemming te vragen voor het mogen vervullen of uitbreiden van nevenwerkzaamheden buiten de tijdstippen waarop de arbeid moet worden verricht bij werkgever. Onder nevenwerkzaamheden worden mede verstaan:
  19. -het bekleden van een betaalde functie anders dan in dienst van de werkgever;
  20. -het uitoefenen van enig beroep of bedrijf dan wel het drijven van handel;
  21. -het ontwerpen, het leiden, het uitvoeren van en houden van toezicht op ander werk dan dat van werkgever.
  22. 6.b.De werkgever kan een verzoek op grond van lid 6a slechts weigeren als de weigering kan worden gerechtvaardigd op grond van objectieve redenen.
  23. 7.Indien de werknemer de onderneming naar buiten toe representeert, dient de werknemer uiterlijk verzorgd op het werk te verschijnen.
  24. 8.De werknemer zal ieder jaar uiterlijk op 1 mei aan de werkgever inzage verschaffen in het overzicht van de nascholingsuren (code 95).

Hoofdstuk III · Open artikel 7 apart

Art. 65 Bijzonder verlof
  1. 1.Indien de werknemer op een of meer dag(en) of gedeeltes van de dag de overeengekomen werkzaamheden waartoe hij gehouden is niet kan verrichten, vanwege een van de navolgende gebeurtenissen die op de betreffende dag(en) en/of gedeelte van die dag plaatsvinden, wordt aan hem bijzonder verlof toegestaan:
  2. a.bij een melding van een voorgenomen huwelijk van de werknemer 1 dag
  3. b.bij huwelijk/geregistreerd partnerschap
  4. -van de werknemer2 dagen
  5. -van een kind, broer, zuster, zwager, schoonzuster of een der ouders of schoonouders van de werknemer1 dag
  6. c.bij bevalling van de echtgenote/geregistreerde partner, of degene van wie de werknemer het kind erkent; éénmaal de individueel overeengekomen wekelijkse arbeidsduur
  7. -conform de wettelijke regeling geldt voor vrouwen een zwangerschaps- en bevallingsverlof van16 weken
  8. d.bij overlijden
  9. -van de echtgeno(o)t(e) of een inwonend tot het gezin behorend eigen-, stief- of pleegkind van de werknemer, te rekenen vanaf de dag van het overlijden4 dagen
  10. -van een der ouders, schoonouders, pleegouders of niet-inwonende kinderen van de werknemer2 dagen
  11. -van een broer, zuster, zwager, schoonzuster, een der grootouders van de werknemer of diens echtgeno(o)t(e) of een kleinkind van de werknemer1 dag
  12. e.bij priesterwijding van een kind of broer van de werknemer1 dag
  13. f.bij een eeuwige kloostergelofte van een kind, broer of zuster van de werknemer1 dag
  14. g.bij een 25- of 40-jarig huwelijk van de werknemer bij een 25-, 40-, 50- of 60-jarig huwelijk van de1 dag
  15. ouders of schoonouders van de werknemer1 dag
  16. h.bij verhuizing
  17. -anders dan in geval van overplaatsing aan hen, die een eigen huishouding hebben, maximaal per kalenderjaar2 dagen
  18. -in geval van overplaatsing dient dit verzuim in onderling overleg geregeld te worden.
  19. i.na opzegging van de dienstbetrekking door de werkge-
  20. ver, voor het zoeken van een nieuwe werkgever, indien de werknemer tenminste gedurende 6 weken onmiddellijk aan de datum van opzegging voorafgaand, onafgebroken in dienst bij de werkgever is geweest, ten hoogste1 dag
  21. j.bij vervulling van een van overheidswege, zonder geldelijke vergoeding, opgelegde persoonlijke verplichting waarvan de vervulling niet in zijn vrije tijd kan plaatsvinden, de werkelijk benodigde tijd tot ten hoogste12 uur
  22. k.voor het afleggen van een vakexamen, waaronder wordt verstaan een als zodanig door de werkgever aangemerkt examen, de daarvoor benodigde tijd.
  23. l.voor het consulteren van een huisarts, tandarts, specialist of andere geneeskundigen en het laten verrichten van medische controles en onderzoeken, de daarvoor benodigde tijd; daarbij dient de werknemer zich ervoor in te spannen, dat vorenbedoelde afspraken op zodanige tijdstippen vallen, dat de uitoefening van de functie daardoor zo weinig mogelijk wordt belemmerd.
  24. m.de uitoefening van het kiesrecht.
  25. n.voor het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een werknemersorganisatie. Het hoofdbestuur van een werknemersorganisatie kan per kalenderjaar bij een werkgever voor elk tiental bij deze werkgever in dienst zijnde leden, dat bij haar is aangesloten en waarop deze overeenkomst van toepassing is, een dag zogenaamd organisatieverlof aanvragen om die leden met genoemde werkzaamheden te belasten. Het aantal leden wordt per werknemersorganisatie naar boven afgerond op tientallen, met dien verstande dat een werknemersorganisatie geen recht op organisatieverlof kan doen gelden wanneer zij bij een werkgever, waarop deze overeenkomst van toepassing is, minder dan tien leden telt. Per aangewezen werknemer kunnen niet meer dan twintig dagen organisatieverlof per kalenderjaar worden genoten. In geval de vakbondswerkzaamheden op een zaterdag plaatsvinden, krijgt de werknemer hiervoor 10 uren a 100% vergoed. Werkgevers kunnen voor het vergoeden van vakbondsverlof een vergoeding aanvragen bij SOOB.
  26. o.Voor het deelnemen aan een vormingscursus ter voorbereiding op het pensioen voor de werknemer van 60 jaar en ouder, gedurende de tijd dat de cursus duurt met een maximum van een week en maximaal éénmaal per jaar.
  27. 2.De werknemer krijgt een vrije dag met behoud van loon toegekend in geval van zijn 25-, 40- of 50-jarig dienstjubileum. Deze vrije dag is extra en kan worden opgenomen in overleg tussen werkgever en werknemer.

Hoofdstuk XVI · Open artikel 65 apart