CAOtjeCAO transport & kranen 2026

HomeOnderwerpen › Mobiele kraan

Reistijd en reiskosten op de mobiele kraan

Krijg ik als kraanmachinist mijn reistijd naar het werk betaald? Kraanmachinist

Kort antwoord

Ja. Reis je van huis naar een werk dat niet je standplaats is, in een andere gemeente dan je woonplaats, dan wordt de reistijd tegen 100% uurloon vergoed, behalve de eerste 60 minuten per dag. De reistijd wordt berekend op 60 km per uur. Reiskosten eigen auto: € 0,23 per km (€ 0,25 met meerijders).

Hoofdstuk XIII geldt speciaal voor werknemers die op mobiele kranen werken.

Reistijd (artikel 47)

  • Reistijd = de tijd van je woning naar het werk (niet zijnde de standplaats) en terug.
  • Rekenregel: 60 km per uur. 90 km enkele reis = 1,5 uur reistijd.
  • Vergoeding: 100% van je uurloon, met uitzondering van de eerste 60 minuten per dag, als het werk in een andere gemeente ligt dan je woongemeente én je reist met openbaar vervoer, een door de werkgever beschikbaar gesteld vervoermiddel (niet de kraan) of eigen vervoer.

Reiskosten (artikel 48)

  • Wie reistijd vergoed krijgt, krijgt ook reiskosten. De werkgever mag een vervoermiddel aanwijzen, maar niet je eigen auto.
  • OV: laagste klasse. Eigen auto: € 0,23 per gereden km; met meerijders in opdracht van de werkgever € 0,25 per km. De snelste route telt.

Verblijf en overnachten (artikel 49)

Verblijfkosten volgens de bedragen van artikel 40. Is dagelijks naar huis gaan onredelijk (ter beoordeling van de werkgever), dan overnacht je ter plaatse; zonder slaapcabine op de kraan worden de logieskosten vergoed.

Voorbeeld. Je woont in Boekel en werkt een dag in Rotterdam, 100 km enkele reis, met eigen auto. Reistijd: 200 km ÷ 60 = 3,33 uur, minus 1 uur = 2,33 uur × uurloon. Reiskosten: 200 × € 0,23 = € 46,00. Reisuren tellen mee in de waarde van een vakantiedag (artikel 67a lid 10b).

Wat de CAO letterlijk zegt

Dit zijn de artikelen waarop de uitleg hierboven is gebaseerd, integraal uit de cao-tekst 2026.

Art. 47 Reistijd voor de werknemer te werk gesteld op mobiele kranen
  1. 1.Onder reistijd wordt verstaan de tijd gedurende welke gereisd wordt van de woning naar het werk (niet zijnde de standplaats) en terug.
  2. 2.Voor de berekening van de reistijd wordt aangenomen dat per uur 60 km wordt afgelegd.
  3. 3.De reistijd wordt door de werkgever vergoed op basis van 100% tegen het voor die werknemer geldende uurloon met uitzondering van de eerste 60 minuten per dag indien:
  4. a.de arbeid plaats vindt in een andere dan de woongemeente van de werknemer en
  5. b.de reistijd wordt gemaakt met:
  6. -of een openbaar middel van vervoer;
  7. -of een door de werkgever beschikbaar gesteld vervoermiddel, niet zijnde de kraan;
  8. -of een eigen vervoermiddel.

Hoofdstuk XIII · Open artikel 47 apart

Art. 48 Reiskosten voor de werknemer te werk gesteld op mobiele kranen
  1. 1.De werknemer, aan wie krachtens artikel 47 lid 1 reistijd wordt vergoed, heeft recht op vergoeding van reiskosten.
  2. 2.De werkgever is gerechtigd een vervoermiddel aan te wijzen waarmee de werknemer dient te reizen, uitgezonderd het eigen vervoermiddel van de werknemer.
  3. 3.De kosten van het reizen met het openbaar vervoer worden in de laagste klasse vergoed.
  4. 4.De vergoeding voor het gebruik van de eigen personenauto bedraagt € 0,23 per gereden kilometer. Indien in opdracht van de werkgever meerdere personen meerijden, bedraagt de vergoeding € 0,25 per gereden kilometer.
  5. 5.De snelste reisafstand is bepalend bij het vaststellen van het aantal kilometers dat voor vergoeding in aanmerking komt.

Hoofdstuk XIII · Open artikel 48 apart

Art. 49 Verblijfkosten voor de werknemer te werk gesteld op mobiele kranen
  1. 1.Als vergoeding voor verblijfkosten gelden de bedragen genoemd in artikel 40
  2. 2.Indien in verband met de werkzaamheden het dagelijks huiswaarts keren onredelijk zou zijn, zulks ter beoordeling van de werkgever, dient de werknemer ter plaatse te overnachten. Als op de mobiele kraan een slaapcabine ontbreekt, zullen de logieskosten worden vergoed. Er vindt geen cumulatie plaats met de vergoedingen als bedoeld in artikel 40.

Hoofdstuk XIII · Open artikel 49 apart

Art. 39a Vergoeding reiskosten woon-werkverkeer
  1. 1.Werknemers hebben recht op de geldende fiscale maximum netto kilometervergoeding met een maximum van 35 km (enkele reisafstand) onder vermindering van de eerste 10 km. Dit betekent voor 2026 een reiskostenvergoeding van € 0,23 per kilometer. De maximale vergoeding per enkele reisafstand is dan 25 x € 0,23 = € 5,75.
  2. 2.De woon-werkafstand wordt bepaald aan de hand van de routeplanner van de ANWB, van huisadres naar standplaats op basis van de optie “kortste route”. De afstand enkele reis wordt afgerond op hele kilometers (0,5 en hoger naar boven, lager dan 0,5 naar beneden).
  3. 3.De werknemer heeft geen recht op reiskostenvergoeding indien de werkgever vervoer ter beschikking stelt.
  4. 4.De reiskostenvergoeding wordt alleen betaald voor de dagen dat er daadwerkelijk woon-werkverkeer heeft plaatsgevonden.
  5. 5.Als de reisafstand voor het woon-werkverkeer door verhuizing van de werknemer groter wordt, is de werkgever niet verplicht het meerdere aan reiskosten te vergoeden.
  6. 6.Van deze regeling mag in positieve zin, ten gunste van de werknemer, worden afgeweken.

Hoofdstuk XII · Open artikel 39a apart