CAOtjeCAO transport & kranen 2026

HomeOnderwerpen › Contract & regels

Deeltijd: overuren, vakantie en vakantiegeld naar rato

Hoe werkt de CAO als ik parttime werk? Chauffeur & kraan

Kort antwoord

De CAO geldt naar evenredigheid. Overuren zijn alle uren op ma–vr boven je eigen contracturen (niet pas boven 40). Vakantiedagen en vakantiebijslag bouw je op naar rato van je diensturen, met je contracturen als minimum.

  • Je bent deeltijdwerknemer als je minder dan de normale 160 uur per 4 weken (40 per week) hebt afgesproken (artikel 3 lid 3b).
  • De CAO wordt naar evenredigheid toegepast; per dienstuur minimaal het wettelijk minimum uurloon (artikel 8 lid 2a).
  • Overuren: alle uren op maandag t/m vrijdag boven je overeengekomen arbeidstijd, met de gewone 30% toeslag (lid 2b, artikel 27). Werk je 32 uur en maak je er 36, dan heb je 4 overuren.
  • Vakantie en vakantiebijslag: naar rato van je verrichte diensturen in het vorige kalenderjaar, met je overeengekomen uren als minimum, en nooit meer dan het voltijdmaximum (lid 3).
  • Bij ziekte geldt een overgangsregel voor de berekening over 2025 (artikel 16 lid 1d, noot).

Wat de CAO letterlijk zegt

Dit zijn de artikelen waarop de uitleg hierboven is gebaseerd, integraal uit de cao-tekst 2026.

Art. 8 Deeltijdwerknemers
  1. 1.De bepalingen van de CAO zijn op deeltijdwerknemers van toepassing, met inachtneming van de volgende leden van dit artikel.
  2. 2.a.Voor zover de bepalingen van de CAO zich daarvoor lenen, worden zij op de deeltijdwerker naar evenredigheid toegepast. Onafhankelijk van het arbeidspatroon dient voor ieder dienstuur minimaal het wettelijk minimum uurloon te worden betaald.
  3. 2.b.Overuren zijn uren, liggend op maandag tot en met vrijdag, waarmee de diensttijd van 40 uur in de week, dan wel de individueel overeengekomen arbeidstijd als dit minder is dan 40 uur per week, wordt overschreden Voor rijdend personeel op dubbel bemande voertuigen geldt de vorige zin voor de uren liggend op maandag tot en met zaterdag 7.00 uur.
  4. 3.a.De vakantie-aanspraken en vakantiebijslag ontstaan naar rato van het aantal verrichte diensturen, doch niet meer dan het voor betrokkenen geldende maximum genoemd in artikel 67a, artikel 68 resp. artikel 69.
  5. 3.b.Voor het vaststellen van de onder 3a. genoemde vakantie-aanspraken en vakantiebijslag geldt als basis voor de berekening, het minimum aantal overeengekomen uren.
  6. 3.c.Voor het berekenen van de vakantie-aanspraken en vakantiebijslag in een bepaald jaar, dient het totaal aantal verrichte diensturen, met een minimum van het aantal overeengekomen uren, in het voorafgaande kalenderjaar te worden genomen.

Hoofdstuk IV · Open artikel 8 apart

Art. 27 Definities overuren
  1. 1.Overuren zijn uren, liggend op maandag tot en met vrijdag, waarmee de diensttijd van 40 uur in de week, dan wel de individueel overeengekomen arbeidstijd als dit minder is dan 40 uur per week, wordt overschreden.
  2. 2.Voor rijdend personeel op dubbelbemande voertuigen geldt lid 1 voor de uren liggend op maandag tot en met zaterdag 7.00 uur.

Hoofdstuk IX · Open artikel 27 apart

Art. 3 Definities

In deze overeenkomst (verder te noemen “de CAO”)¹ wordt verstaan onder:

  1. 1.werkgever: iedere natuurlijke- of rechtspersoon, wiens onderneming valt onder de werkingssfeer van deze overeenkomst;
  2. 2.werknemer: ieder, die door een werkgever in dienst is genomen voor een bepaalde of onbepaalde tijd van 5 achtereenvolgende werkdagen of langer en die zijn werkzaamheden voor de werkgever gewoonlijk verricht in of vanuit de in Nederland gevestigde onderneming. Onder werknemer wordt niet begrepen de statutaire bestuurder van een rechtspersoon tenzij deze in hoofdzaak werkzaamheden verricht welke behoren tot de functie van chauffeurs of van machinisten mobiele kranen.
  3. 3.a.oproepkracht: ieder, die door de werkgever incidenteel in dienst is genomen voor korter dan 5 achtereenvolgende dagen.

3 b. deeltijdwerknemer: iedere werknemer met wie is overeengekomen, dat slechts een gedeelte van het normale aantal geldende arbeidsuren, als bedoeld in artikel 26a, lid 1 onder a, arbeid wordt verricht.

  1. 4.werkgeversorganisatie: Transport en Logistiek Nederland of Vereniging Verticaal Transport
  2. 5.werknemersorganisatie : CNV, FNV, of De Unie
  3. 6.logistieke dienstverlening: dat deel van het “supply chain proces”, inclusief de front- en backoffice functies, dat zorgdraagt voor de planning, implementatie, productie en controle van een efficiënte stroom van opslag en bewerking van goederen, diensten en gerelateerde informatie van het punt van oorsprong naar het punt van consumptie ten einde tegemoet te komen aan de behoeften van de klant.
  4. 7.standplaats: het terrein waar de werknemer gewoonlijk zijn arbeid uitoefent of het terrein waar de garage der onderneming is gelegen, dan wel waar deze zijn vervoermiddelen stalt of behoort te stallen;
  5. 8.loonschaal: tabel waarin het loon, behorend bij de desbetreffende functie is vastgelegd;
  6. 9.brutoloon: het loon per vier weken dan wel per maand, verhoogd met de persoonlijke toeslagen als bedoeld in artikel 23;
  7. 10.functieloon: het loon, behorend bij de trede van de loonschaal, die op de betreffende werknemer van toepassing is;
  8. 11.week: de dagen van maandag tot en met zondag;
  9. 12.werkdag: iedere dag van de week met uitzondering van zondagen, algemeen erkende christelijke en nationale feestdagen; __________________

¹) Overal waar in deze cao hij, hem of zijn wordt vermeld, dient ook zij of haar te worden gelezen

  1. 13.vrije dag: een vrije dag die wordt genoten ingevolge artikel 30, artikel 31, artikel 32, artikel 64, artikel 65, artikel 67a en artikel 68 betekent dat men na een rustpauze van 8 uur tenminste 24 uur aaneengesloten vrij is.
  2. 14.roostervrije dagen: die dagen, gedurende welke op grond van het dienstrooster geen werkzaamheden hoeven te worden verricht.
  3. 15.dienstrooster: het op een tijdvak van een of meer weken betrekking hebbende schema, waarop wordt aangegeven in welke diensten en op welke dagen en uren de werknemer zijn functie dient te vervullen dan wel roostervrije tijd wordt genoten.
  4. 16.echtgenoot: hij of zij met wie de werknemer is gehuwd, een geregistreerd partnerschap is aangegaan dan wel met wie hij of zij blijkens een bij de werkgever gedeponeerd samenlevingscontract een duurzaam samenlevingsverband vormt.
  5. 17.basisarbeidsvoorwaarden: de artikelen 19, 20, 21, 23, 25, 26a, 27, 29, 33, 34, 36, 37, 40, 41, 42, 64, 65, 67a, 68 en 69 van deze cao.
  6. 18.bedrijfsongeval: Een ongeval dat door of tijdens de uitoefening van betaalde arbeid plaatsvindt, met uitzondering van een ongeval dat plaatsvindt onderweg van of naar het werk of dat is veroorzaakt door schuld of toedoen van de werknemer.
  7. 19.stagiair: Iemand, niet zijnde de BBL-leerling als omschreven in artikel 11 van deze cao, die als onderdeel van een erkende opleiding, op basis van een met de werkgever en het opleidingsinstituut afgesloten stagecontract, ervaring komt opdoen op de werkvloer.
  8. 20.leerling: De BBL-leerling overeenkomstig artikel 11 van deze cao.

Hoofdstuk I · Open artikel 3 apart