Home › Onderwerpen › Ziek, veilig & verzekerd
Ziek: hoeveel loon krijg je doorbetaald?
Hoeveel loon krijg ik als ik ziek ben? Chauffeur & kraan
Het eerste jaar vult je werkgever aan tot 100% van je loon inclusief het gemiddelde van je toeslagen en overuren over de laatste 52 weken. Het tweede jaar ook tot 100%, mits je meewerkt aan re-integratie en een aanvullende zorgverzekering hebt.
Wat telt als loon bij ziekte? (artikel 16 lid 1)
- je functieloon;
- je persoonlijke toeslag (artikel 23);
- het gemiddelde over de 52 weken vóór je ziekmelding van ploegendienst-, vuilwerk-, onregelmatigheids- en nachttoeslag;
- het gemiddelde over die 52 weken van overuren en zaterdag-/zondaguren (boven je contracturen) inclusief de 50%- en 100%-toeslagen. Maximum: 37,5% van je arbeidstijd aan overuren (15 uur bij 40 uur) en 48,75% van het functieloon. Is het geen bedrijfsongeval, dan gaat er eerst een kwart van de gemiddelde overuren af en geldt een maximum van 22,75% van het functieloon (≈ 7 overuren à 130% per week).
Bijlage VI bevat het stappenplan voor deze berekening.
Hoe lang? (lid 2–5)
- Aanvulling tot 100% vanaf de eerste ziektedag, maximaal 52 weken. Dienstverband korter dan een jaar: maximaal 13 weken. In de proeftijd: 2 weken. De aanvulling begint op de eerste ziektedag; de CAO kent geen wachtdag.
- Tweede jaar (week 53–104) ook tot 100%, als je meewerkt aan re-integratie én een aanvullende zorgverzekering hebt met dekking voor fysiotherapie, psychologische hulp en diëtist. Bij blijvend volledige arbeidsongeschiktheid altijd tot 104 weken.
- Geen aanvulling als er wettelijk geen loondoorbetalingsplicht is of als de ziekte door je eigen schuld of toedoen is ontstaan.
- Ziekteperiodes binnen één kalenderjaar worden bij elkaar opgeteld voor de maximale duur (behalve na een ongeval).
Op ziektedagen worden 8 diensturen genoteerd (artikel 64). Vakantiebijslag wordt bij langdurige ziekte 24 maanden doorbetaald (artikel 69 lid 7). Word je in het buitenland ziek tijdens je werk, zie artikel 50.
Wat de CAO letterlijk zegt
Dit zijn de artikelen waarop de uitleg hierboven is gebaseerd, integraal uit de cao-tekst 2026.
Art. 16 Loon bij arbeidsongeschiktheid
- 1.Het loon bij ziekte ingevolge artikel 7: 629 BW bestaat uit:
- a)het functieloon;
- b)de persoonlijke toeslag als bedoeld in artikel 23;
- c)het bedrag dat de werknemer gemiddeld gedurende de periode van 52 weken voorafgaande aan de eerste dag van arbeidsongeschiktheid heeft ontvangen aan ploegendienst- en vuilwerktoeslag, de onregelmatigheidstoeslag van artikel 4 van Bijlage VII en de toeslag voor nachtelijke uren van artikel 37;
- d)het bedrag dat de werknemer gemiddeld gedurende de periode van 52 weken voorafgaande aan de eerste dag van arbeidsongeschiktheid heeft ontvangen(*) aan overuren, en aan zaterdag- en zondaguren voor zover deze de individueel overeengekomen arbeidstijd per week overschrijden en de toeslagen van 50% en 100% over deze uren. Het gemiddelde aantal overuren kan niet hoger zijn dan 37,5% (**) van de individueel overeengekomen arbeidstijd per week en het totale bedrag van dit onderdeel kan niet meer bedragen dan 48,75% van het functieloon. Indien er geen sprake is van een bedrijfsongeval, worden voorts de volgende verminderingen op dit bedrag toegepast: allereerst wordt er een kwart van het gemiddelde aantal overuren afgetrokken. Vervolgens kan het bedrag niet meer bedragen dan 22,75% van het functieloon (zijnde de waarde van 7 overuren à 130% bij een dienstverband van 40 uur per week). (*) Overgangsbepaling voor deeltijdwerknemers: indien de eerste dag van arbeidsongeschiktheid in 2026 valt, wordt bij het vaststellen van het gedeelte van het bedrag voor de voorafgaande 52 weken dat in 2025 ligt, gerekend met de nieuwe definitie van overwerk uit deze CAO. (**)Toelichting: de 37,5% komt neer op maximaal 15 overuren voor een dienstverband van 40 uur per week. Voor een deeltijdwerknemer met een dienstverband van 20 uur per week komt dit neer op 7,5 overuren.
- 2.Indien de werknemer arbeidsongeschikt is, ontvangt hij een aanvulling op de wettelijke loondoorbetalingsverplichting van artikel 7: 629 BW tot 100%, zoals hieronder beschreven. Deze aanvulling vindt plaats tot ten hoogste het maximum loon als bedoeld in artikel 17 Wfsv. De aanvullingsverplichting geldt niet in de volgende gevallen:
- -indien er ingevolge de wet geen loondoorbetalingsverplichting is;
- -indien de arbeidsongeschiktheid door de schuld of toedoen van de werknemer is veroorzaakt.
- 3.De aanvullingsverplichting vangt aan op de eerste dag van de arbeidsongeschiktheid. De maximale duur van de aanvulling is 52 weken, of, bij een dienstverband dat op de eerste dag van arbeidsongeschiktheid korter dan een jaar heeft geduurd, maximaal 13 weken. Indien de werknemer zich nog in de proeftijd bevindt op de eerste dag van arbeidsongeschiktheid, eindigt de aanvulling na 2 weken.
- 4.De duur van de aanvulling wordt in geval van een dienstverband dat op de eerste dag van arbeidsongeschiktheid langer dan een jaar heeft geduurd, verlengd met een tweede periode van 52 weken, indien de werknemer meewerkt aan zijn reïntegratie en tevens een aanvullende zorgverzekering heeft afgesloten waarin in ieder geval is opgenomen een vergoeding voor fysiotherapie, psychologische hulp (tenzij deze in het basispakket is opgenomen) en de diëtist. De aanvulling wordt ook verlengd tot 104 weken indien de werknemer blijvend volledig arbeidsongeschikt is.
____________________________________________________ * Voor uitleg ten aanzien van de berekeningswijze zie Bijlage VI
- 5.Perioden van arbeidsongeschiktheid die geheel of gedeeltelijk binnen één kalenderjaar vallen, worden samengeteld voor de bepaling van de duur van de aanvullingsverplichting, voor zover de arbeidsongeschiktheid niet het gevolg is van een ongeval.
- 6.Tussentijdse wijzigingen van het brutoloon, resp. dagloonbesluiten of andere wettelijke maatregelen dienen in deze loonbetaling bij arbeidsongeschiktheid te worden verwerkt.
- 7.In het geval de werknemer een uitkering toekomt krachtens de ziektewet, WAO/WIA of krachtens een verzekering of enig fonds, waarin de deelneming is bedongen bij of voortvloeit uit de arbeidsovereenkomst, wordt de loonbetaling met deze uitkering verminderd.
Art. 17 Protocol Arbeidsongeschiktheid
In het kader van Arbeidsongeschiktheid is door CAO-partijen een protocol overeengekomen. Dit protocol is als bijlage V in deze CAO opgenomen.
Art. 69 Vakantiebijslag
- 1.Per kalenderjaar heeft de werknemer recht op een vakantiebijslag die 8% bedraagt van het over de vierde betalingsperiode van het lopende kalenderjaar berekende loon maal dertien en bij loonbetaling per maand 8% van het loon over de maand april van het lopende kalenderjaar maal twaalf. Onder het loon zoals genoemd in dit artikel wordt verstaan het van toepassing zijnde functieloon, vermeerderd met, indien van toepassing, de ploegendiensttoeslag en de persoonlijke toeslag ex artikel 23 van deze CAO.
- 2.De minimum vakantiebijslag bedraagt per kalenderjaar voor alle werknemers van 21 jaar en ouder en voor de vakbekwame chauffeurs en kraanmachinisten jonger dan 21 jaar tenminste 104% van het in de vierde betalingsperiode van het lopende kalenderjaar geldende loon, respectievelijk tenminste 96% van het loon over de maand april van het lopende kalenderjaar bij maandbetaling, behorende bij schaal D trede 1. Voor de jeugdige werknemer in de zin van artikel 20 bedraagt dit minimum het bij hun leeftijd passende percentage, genoemd in artikel 20, van het in dit lid aangegeven minimumbedrag.
- 3.Indien de werknemer slechts een gedeelte van het kalenderjaar in dienst is van de werkgever, heeft hij recht op een evenredig deel.
- 4.De vakantiebijslag dient in de maand mei over het lopende kalenderjaar te worden uitbetaald. In overleg tussen werknemers en werkgever kan op bedrijfsniveau worden overeengekomen om de vakantiebijslag per maand uit te kunnen betalen. Overeenstemming hierover met de individuele werknemer dient in het voorgaande kalenderjaar te worden bereikt.
- 5.In afwijking van het gestelde in lid 4 kan de werkgever aan de werknemer die minder dan 1 jaar in zijn dienst is, of op basis van een tijdelijk contract korter dan 3 jaar in zijn dienst is, de vakantiebijslag in twee termijnen betalen, en wel één in de maand mei en één in de maand november.
- 6.Indien het dienstverband van de werknemer vóór de vierde betalingsperiode dan wel vóór april eindigt, vormt – in afwijking van lid 1 – het laatst genoten loon de basis van de berekening van de vakantiebijslag.
- 7.In geval van langdurige arbeidsongeschiktheid is de werkgever over een periode van 24 maanden van de arbeidsongeschiktheid verplicht de vakantiebijslag te betalen, met inachtneming van de bepalingen in artikel 16 van de Wet Minimumloon en Minimumvakantiebijslag. Voor de toepassing van dit artikellid worden perioden waarin de werknemer ten gevolge van ziekte verhinderd is geweest zijn arbeid te verrichten, bij elkaar opgeteld, indien zij elkaar met een onderbreking van minder dan 4 weken opvolgen.
Art. 64 Afwezigheid met behoud van loon
- Wanneer op een of meer dagen, niet zijnde roostervrije dagen, niet wordt gewerkt op grond van een van de navolgende omstandigheden, wordt per dag 8 diensturen genoteerd. Deze omstandigheden zijn:
- -wegens vakantie (artikel 67a en b);
- -tijd-voor-tijd-regeling (artikelen 30 en 31);
- -op algemeen erkende christelijke en nationale feestdagen, niet vallende op zaterdag en/of zondag (artikel 32);
- -bijzonder verlof (artikel 65);
- -wegens ziekte of ongeval buiten schuld of toedoen van de betrokken werknemer (art. 16)
- -ATV-dagen (artikel 68).
Bijlage V PROTOCOL ARBEIDSONGESCHIKTHEID
Partijen komen overeen dat: Het rapport van Mercer / RCW ”Arbeidsgeschiktheid geregeld” een goede basis is om Gezond Transport* optimaal te laten functioneren t.b.v. preventie en reïntegratie. CAO partijen geven het bestuur van Gezond Transport* opdracht het rapport zoveel als mogelijk uit te werken waarbij tevens wordt bezien op welke wijze aanbevelingen gedaan kunnen worden aan overlegpartners binnen bedrijven die niet aangesloten zijn bij Gezond Transport*.
Partijen spreken hierbij de volgende flankerende maatregel af: Indien tewerkstelling in een passende functie (intern of extern) her-, om- of bijscholing vereist, dan zal de werkgever in overleg met de werknemer en Gezond Transport* of een ander reïntegratiebedrijf een bijscholingsplan maken. Eventuele scholing vindt zoveel mogelijk plaats in werktijd en op kosten van de werkgever. SOOB zal deze cursussen die zijn voorzien van een positieve beoordeling van Gezond Transport* subsidiëren.
Voorts komen partijen overeen:
Verplichtingen van de sector
Partijen geven het bestuur van Gezond Transport* de opdracht stimuleringsmaatregelen te ontwikkelen die leiden tot reïntegratie van gedeeltelijk arbeidsongeschikten binnen passende functies in de sector, waarbij de ontwikkeling van een digitale vacaturebank nadrukkelijk wordt onderzocht.
Werkgevers geven bij vacatures bij gelijke geschiktheid de voorkeur aan gedeeltelijk arbeidsgeschikten.
- Verplichtingen van de werkgever
- -Tijdens het reïntegratieproces is de werkgever verplicht zich in te spannen om de betrokken werknemer (rekening houdend met diens beperkingen) te herplaatsen in de eigen functie, ook als dat technische aanpassingen van de werkplek of een aanpassing in de organisatie (andere taakverdeling) vereist. Wettelijke mogelijkheden zullen daarbij maximaal worden benut.
- -Als herplaatsing in de eigen functie niet mogelijk is, moet de werkgever zich inspannen om de werknemer te herplaatsen in een andere functie binnen het bedrijf.
- -Indien de werkgever aannemelijk kan maken, bijv. door te overleggen waarom er geen andere functies voor de betrokken werknemer in aanmerking (kunnen) komen of er een geschikte functie te maken is door een andere groepering van taken/of een aanpassing van de werkomgeving en/of de gebruikelijke prestatienormen, zal het plan van aanpak worden gericht op het vinden van passend werk buiten het bedrijf van de werkgever, bij voorkeur binnen de sector.
- De verplichtingen van de werknemer
- -De werknemer is in geval van verzuim wegens ziekte verplicht om actief zijn volle medewerking te verlenen aan inspanningen gericht op interne of externe reïntegratie.
- Het aanbieden van passend werk
- -Indien in het kader van de re-integratie van de zieke (arbeidsongeschikte) werknemer een aanbod tot passend werk wordt gedaan, dan zal de werkgever in eerste instantie trachten een aanbod tot intern passend werk te doen, waarbij onder meer rekening wordt gehouden met opleiding, ervaring en vaardigheden van de werknemer.
- -Indien een aanbod tot intern passend werk niet mogelijk is zal de werkgever bij voorkeur een aanbod doen tot extern passend werk binnen de sector. Indien ook dit niet mogelijk is zal een aanbod tot extern passend werk buiten de sector gedaan worden.
- -De werkgever is verplicht een aanbod tot passende arbeid, zowel naar een interne als externe functie schriftelijk te (laten) doen en indien de werknemer dat verlangt te doen vergezellen van het oordeel van Gezond Transport*, een ander reïntegratiebedrijf of gecertificeerde arts.
- -Het aanbod vermeldt tevens het wettelijk recht van de werknemer een second opinion aan te vragen bij UWV of een onafhankelijke bedrijfsarts. De werknemer dient de second opinion hierover binnen 10 dagen aan te vragen, tenzij de werknemer kan aantonen dat hij meer tijd nodig heeft.
- -Gedurende de periode waarin op de aanvraag van een second opinion nog niet is beslist zal het loon volledig worden doorbetaald, met een maximum van 2 weken. Indien de werknemer in het gelijk wordt gesteld, wordt gedurende de gehele periode het loon doorbetaald. De kosten van de aanvraag van de second opinion komen voor rekening van de in het ongelijk gestelde partij.
- -De werkgever informeert de werknemer uitdrukkelijk over de arbeidsvoorwaardelijke aspecten en uitkeringsvoorwaardelijke gevolgen van het al dan niet aanvaarden van een (passende) arbeidsplaats.
- -De werknemer kan zich ter zake van een aanbod tot intern of extern passend werk van de werkgever laten bijstaan door een vertrouwenspersoon.
De rechtspositie van de werknemer
De gevolgen bij interne herplaatsing
Er is sprake van geslaagde interne reïntegratie, wanneer de werknemer is teruggekeerd in het arbeidsproces bij de eigen werkgever en daarin zes maanden heeft gefunctioneerd, hetzij in de oude functie hetzij in een aangepaste of nieuwe functie.
De gevolgen bij externe plaatsing binnen of buiten de sector
Er is sprake van geslaagde externe reïntegratie, wanneer de werknemer is teruggekeerd in het arbeidsproces bij de externe werkgever en daarin zes maanden heeft gefunctioneerd.
Als detachering een tijdelijk karakter heeft omdat terugkeer in arbeid bij de eigen werkgever op termijn mogelijk is, dan wordt in het kader van het plan van aanpak periodiek gesproken over de mogelijkheid het werken bij de eigen werkgever te hervatten.
Inkomen bij uitstel van de WIA-aanvraag, of WIA- uitkering
Indien na afloop van het tweede ziektejaar de WGA-uitkering niet of later ingaat bij wijze van
een door UWV opgelegde sanctie aan de werkgever, dan zal de loonbetaling en de aanvulling op de loondoorbetaling worden gecontinueerd voor een periode van maximaal 12 maanden. De bovenstaande regeling is tevens van toepassing indien werkgever en werknemer in onderling overleg besluiten de aanvraag voor een WGA-uitkering uit te stellen. Onder loonbetaling wordt verstaan het inkomen dat ook in het tweede ziektejaar wordt genoten.
*Gezond Transport is per 1 juli 2014 opgegaan in het Sectorinstituut Transport en Logistiek
Bijlage VI Stappenplan berekening loon bij arbeidsongeschiktheid
geen bedrijfsongeval
stap 1 A functieloon 100%
stap 2 + Persoonlijke toeslag 100%
+ Ploegentoeslag gem. voorgaande 52 weken
+ Vuilwerktoeslag gem. voorgaande 52 weken
+ Toeslag nachtelijke uren gem. voorgaande 52 weken
+ Onregelmatigheidstoeslag gem. voorgaande 52 weken
B totaal toeslagen
stap 3 + Overuren gem. voorgaande 52 weken
+ Zaterdaguren (*) gem. voorgaande 52 weken
+ Zondaguren (*) gem. voorgaande 52 weken
+ Toeslag za-/zo-uren gem. voorgaande 52 weken
C totaal over-, za-, zo-uren max. 48,75% van het functieloon
stap 4 D C x 0,75 max.22,75% van het functieloon
stap 5 TOTAAL A+B+D
bedrijfsongeval
stap 1 A functieloon 100%
stap 2 + Persoonlijke toeslag 100%
+ Ploegentoeslag gem. voorgaande 52 weken
+ Vuilwerktoeslag gem. voorgaande 52 weken
+ Toeslag nachtelijke uren gem. voorgaande 52 weken
+ Onregelmatigheidstoeslag gem. voorgaande 52 weken
B totaal toeslagen
stap 3 + Overuren gem. voorgaande 52 weken
+ Zaterdaguren (*) gem. voorgaande 52 weken
+ Zondaguren (*) gem. voorgaande 52 weken
+ Toeslag za-/zo-uren gem. voorgaande 52 weken
C totaal over-, za-, zo-uren max. 48,75% van het functieloon
stap 4 TOTAAL A+B+C
(*) voor zover deze de individueel overeengekomen arbeidstijd per week overschrijden